logo loomancoaching.nl

Vormt empathie de brug tussen rijk en arm?

Empathie ligt ten grondslag aan zo ongeveer alles wat een maatschappij doet functioneren: vertrouwen, altruïsme, samenwerking, liefde, liefdadigheid. En toch slaagt onze samenleving erin de empathie steeds verder in te dammen. Psychiater en neurowetenschapper Bruce Perry komt daar tegen in opstand. Een pleidooi voor meer empathie. De gedachte dat iedereen volledig verantwoordelijk is voor zijn eigen succes, zorgt er volgens Perry ook voor dat veel westerse landen de steeds grotere verschillen tussen arm en rijk blijven rechtvaardigen. En dat verschil draagt op zijn beurt óók weer bij aan minder empathisch handelen. Mensen zijn van nature makkelijker te bewegen om zich behulpzaam op te stellen als zij zich kunnen identificeren met een ander. Bij een grote kloof tussen arm en rijk bereik je eerder het tegenovergestelde: mensen gaan zich van elkaar afkeren. Primatoloog Frans de Waal schrijft in zijn boek Een tijd voor empathie (2009) dat zowel bij apen als mensen 'het vermogen om de emoties van anderen te kunnen meevoelen en de situatie van een ander te begrijpen' ervoor heeft gezorgd dat wij als soort hebben kunnen overleven.

Maar in veel westerse samenlevingen wordt vooral de competitieve kant van de mens benadrukt. Daarvoor heeft de Waal een historische verklaring: lange tijd was het alleen de adel die het grote geld bezat. Zij hoefden hiervoor geen verantwoording af te leggen aan de lagere klassen; zij hadden immers blauw bloed. Maar toen na de Industriële Revolutie ook niet-adellijke mensen toegang kregen tot het grote geld moest dit opeens wel worden gerechtvaardigd. Competitie werd vanaf dat moment als iets natuurlijks beschouwd.

‘De krachtigste steun voor het algemeen belang komt van het verlichte eigenbelang: het besef dat we beter af zijn als we samenwerken'

Nu is die competitie volgens de Waal zeker van belang voor de overleving, maar hij stelt dat we ervoor moeten waken die empathische kant van de mens niet te verwaarlozen. Competitie kan op korte termijn weliswaar voordelen opleveren - het stimuleert het nemen van initiatief, creativiteit en hard werken - maar het zorgt op de lange termijn ook voor ontwrichting van de samenleving omdat er een grote groep ongelukkige en ontevreden burgers ontstaat die steeds minder bereid zal zijn om samen te werken.

https://decorrespondent.nl/1575/Waarom-we-onze-kinderen-moeten-leren-zich-in-anderen-te-verplaatsen/40367250-182220f1

 

Hoe bereken je tarief als zzp'er?

Een redelijk uurtarief is méér dan iemand in loondienst verdient met hetzelfde werk. Als ondernemer wordt u niet doorbetaald bij ziekte. U moet zelf zorgen voor een arbeidsongeschiktheidsverzekering, pensioen, een financiële buffer voor magere tijden, de kosten voor cursussen en de onbetaalde uren die daarmee gepaard gaan, etc.

Vuistregel niet 12x maar 20x maandsalaris

Een vuistregel is om per jaar niet twaalf keer het maandsalaris van iemand in vaste dienst te verdienen, maar
twintig keer. Zo houdt u rekening met de extra kosten van het zelfstandig ondernemersschap. Stel dat u 40 uur per week aan uw werk besteedt. U neemt vijf weken vakantie. Dat levert dus 40 maal 47 weken is 1.880 uur op. Stel dat 70 procent van die 1.880 uur declarabel is. U moet dus in 1.316 uur aan een bedrag komen dat gelijk is aan 20 maal het maandsalaris van een met u vergelijkbare werknemer in vaste dienst. Dat bedrag deelt u door 1.316 uur om aan uw uurtarief te komen.
Meer dan een vuistregel is het niet. Voor een lastige klus rekent u meer dan voor een gemakkelijke. En voor een langdurige opdrachtgever maakt u een aardiger prijs dan voor een incidentele klus.

Werk sluit uitstekend aan bij genoten opleiding zegt 2/3 van ondervraagden

Ondanks de crisis ( of dankzij de crisis?) is een ruime meerderheid van de Nederlanders zeer gelukkig met zijn huidige baan. Maar als het moet, zijn ze ook zo weer tevreden met een andere baan.

"Perfect" noemt 59 procent zijn huidige werkkring zelfs. Twee van elke drie vindt dat het werk uitstekend aansluit bij de genoten opleiding. Dat terwijl de meesten hun werk gewoon zijn 'ingerold'. En als het moet, vinden ze snel weer iets anders. Toch hoor ik ( zegt Tineke Looman)  dat mensen niet van baan veranderen uit angst voor het onbekende!

Dat beeld komt naar boven uit de Randstad WerkMonitor van jul 2014i, uitgevoerd door Blauw Research onder 810 werkenden. De mate van tevredenheid over de huidige arbeidssituatie – uitgedrukt in werkgeluk – was het onderzoeksdoel. Van elke tien werkenden zeggen er zes dat ze de juiste opleiding hebben gevolgd. Mensen in de collectieve sector en bij de overheid vinden dat met 82 procent nog sterker.

Ondanks de hoge tevredenheid zijn er motieven om een andere baan te overwegen. 54 Procent zou dit doen als ze elders beter kunnen verdienen. Voor 58 procent zijn betere carrièremogelijkheden doorslaggevend voor een overstap en 46 procent overweegt dit als een andere baan nog beter bij hun opleiding past. Iets meer dan de helft van de mensen (53 procent) is overigens bij toeval in die eerste job gerold. Niettemin zijn ook deze werknemers vaak dik tevreden over die baan.